Zwangerschap en medicijnen tegen angst en depressie (SSRI)

In het kort

Je gebruikt SSRI en je bent zwanger. SSRI is de naam voor medicijnen die worden voorgeschreven bij behandeling van depressie, paniekaanvallen en angststoornissen. Via de placenta komen deze medicijnen ook terecht bij je baby. Het gebruik van deze medicijnen kan daardoor invloed hebben op de ontwikkeling van je baby tijdens en na de zwangerschap. Ook kunnen deze medicijnen invloed hebben op de ademhaling van je baby na de geboorte.

Op deze pagina lees je

  • Wat zijn SSRI?
  • Welke invloed hebben SSRI op de zwangerschap?
  • Wie controleert mijn zwangerschap?
  • Waar ga ik bevallen?
  • Wat gebeurt er na de bevalling?
  • Mag ik borstvoeding geven?
  • Moet ik doorgaan met de medicijnen na de bevalling?

Wat zijn SSRI?

SSRI is een afkorting voor selectieve serotonine heropnameremmers. Dit zijn medicijnen die worden gebruikt bij de behandeling van depressie, paniekaanvallen en angststoornissen.

Voorbeelden van deze medicijnen zijn

  • paroxetine
  • sertraline
  • fluoxetine

Welke invloed hebben SSRI op de zwangerschap?

SSRI komen via de placenta bij je baby. Dit kan drie gevolgen hebben voor je baby.

Aangeboren afwijking

Door het gebruik van SSRI tijdens de zwangerschap kan er een gaatje in het tussenschot van het hart ontstaan. Dit gebeurt bij 0,5-1% van alle kinderen van moeders die SSRI gebruiken tijdens de zwangerschap. In de meeste gevallen is hiervoor geen behandeling nodig en groeit het gaatje vanzelf dicht. In enkele gevallen sluit het gaatje niet en is er een operatie nodig om het gaatje dicht te maken. Dit gebeurt als het kindje ouder is. Het resultaat van zo’n operatie is meestal goed.

Ademhalingsproblemen

Je baby kan direct na de geboorte problemen met ademen krijgen. Dit komt door het langdurige gebruik van de SSRI. Vaak is het voldoende om een kindje na de geboorte extra zuurstof te geven en een dag langer in het ziekenhuis te houden. Sommige kinderen hebben meer hulp nodig bij het ademen en worden opgenomen op de kinderafdeling.

Ontwenningsverschijnselen

Je baby is in de buik gewend geraakt aan de medicijnen. Na de geboorte krijgt je baby plotseling geen medicijnen meer. Je baby kan daardoor last krijgen van ontwenningsverschijnselen, zoals

  • minder goed drinken
  • snel schrikken en meer huilen
  • trillerig zijn
  • verhoogde spierspanning
  • slecht slapen
  • zeer weinig bewegen en weinig actief zijn
  • temperatuur lager dan 36,5 graden Celsius
  • kreunende ademhaling
  • minder plassen

Een op de drie baby’s waarvan de moeder SSRI’s gebruikt tijdens de zwangerschap krijgt hier last van. De dosering van de medicijnen heeft geen effect op de klachten van de baby.
De klachten kunnen een paar dagen duren. Ze verdwijnen meestal zonder behandeling. Je baby houdt er niets aan over, voor zover bekend.

Wie controleert mijn zwangerschap?

Als je SSRI gebruikt tijdens de zwangerschap word je regelmatig gecontroleerd door de verloskundige. Als je alleen SSRI gebruikt is er geen extra controle bij de gynaecoloog nodig en kun je onder controle bij de verloskundige blijven. In overleg kun je soms afwisselend bij de verloskundige en de gynaecoloog gecontroleerd worden.

Waar ga ik bevallen?

Door het gebruik van SSRI tijdens de zwangerschap heb je kans dat je baby problemen heeft met de ademhaling tijdens en na de bevalling. Daarom beval je in het ziekenhuis. Na de bevalling blijf je minimaal 12 uur opgenomen. Dit is om te de ademhaling van je baby te controleren. Ben je onder controle bij een verloskundige? Dan begeleidt zij/hij je bevalling.

Wat gebeurt er na de bevalling?

Na de bevalling kijkt de kinderarts de baby na.

  • Heeft je baby geen problemen met de ademhaling? Dan blijft hij/zij bij jou op de kraamafdeling. Daar wordt je baby nog minimaal 12 uur gecontroleerd.
  • Heeft je baby wel problemen met de ademhaling? Dan wordt hij/zij opgenomen op de couveuseafdeling voor behandeling. De behandeling kan bestaan uit het geven van zuurstof via een mondkapje of via een buisje in de keel. De kinderarts kan je meer informatie geven.

Mag ik borstvoeding geven?

Je mag gewoon borstvoeding geven als je SSRI gebruikt. Het geven van borstvoeding geeft geen problemen en de hoeveelheid SSRI die bij je kind terecht komt is vrijwel niks. Het is erg onwaarschijnlijk dat een kindje daar op latere leeftijd last van heeft.

Moet ik doorgaan met de medicijnen na de bevalling?

Na de bevalling ben je extra gevoelig voor veranderingen. Hierdoor kun je meer stemmingsproblemen of angsten krijgen. Daarom is het belangrijk na de bevalling de medicijnen te blijven gebruiken.

Verantwoording

Deze tekst is gemaakt door de Commissie Patiëntencommunicatie van de NVOG.

Publicatiejaar: 2017

Meer onderwerpen